Homoseksuele leerlingen op een refoschool: moet kunnen

Kunnen homoseksuele jongeren veilig uit de kast komen op een reformatorische school? Als het goed is wel. Tegelijkertijd is het belangrijk dat ook reformatorische christenen zich veilig voelen in de samenleving.

Dick den Bakker
Afbeelding bij 'Homoseksuele leerlingen op een refoschool: moet kunnen'
Leerlingen die op wat voor manier dan ook maar afwijken van het gemiddelde moeten zich veilig op school. Foto Pexels / Anna Shvets

Het is een open zenuw: zodra homoseksualiteit - of breder LHBTI - in het nieuws komt, staan de meningen recht tegenover elkaar. Enige tijd geleden gebeurde dat na de zogenaamde Nashville-verklaring, en deze maand gaat het over het standpunt van reformatorische scholen.

Zij vragen ouders een verklaring te ondertekenen, waarin - zo is het bericht - homoseksualiteit als zondig wordt beschouwd. En dan kun je niet, zoals minister Slob probeerde te betogen, tegelijkertijd de nodige veiligheid bieden aan jongeren van wie de seksuele geaardheid in ontwikkeling is.

Overigens heb ik de tekst van een dergelijke verklaring nog nergens gezien en voor zover ik daarvan weet, moeten ouders door middel van zo’n verklaring instemmen met de volgens deze scholen Bijbelse visie op het huwelijk, dat voorbestemd is aan man en vrouw.

Ik kan me ergeren aan mensen die tolerant willen overkomen door te zeggen: ‘Maar wij accepteren homo’s volledig, hoor!’

Daarmee verwoordt deze verklaring een overtuiging die in de kerkelijke achterban van deze scholen als volstrekt normaal wordt beschouwd, en waarvan ze ook eist dat deze scholen die uitdragen. Iemand die dat niet vindt, komt deze scholen niet in en zal er trouwens ook zijn of haar kind niet willen aanmelden.

Dit komt voort uit de theologische visie op de Bijbel van de reformatorische kerken, en met de zeggingskracht die Gods Woord voor hen heeft. Homoseksualiteit associëren deze kerken met Sodom, en dus beschouwen zij dat als zondig.

Zonde

Refo’s - zoals ze in krantenkoppen worden genoemd - worstelen met dit vraagstuk. Zij zien elk mens als een schepsel van God, maar geloven ook dat elk mens in zonde ontvangen en geboren is. Dat geldt overigens niet alleen voor homoseksuelen. Ieder mens staat zondig tegenover God en is daarmee niet zonder meer een geliefd mens. Daar moet wel wat voor gebeuren.

Zie daar het grote theologische verschil in visie - waarvan ik hoop dat ik het goed heb verwoord - met zoals bijvoorbeeld ikzelf mijn geloof beleef. Juist omdat ‘God liefhebben en de naaste als jezelf’ voor mij de kern vormen van het christelijk geloof, kan ik me ergeren aan mensen die blijkbaar tolerant willen overkomen door te zeggen: ‘Maar wij accepteren homo’s volledig, hoor!’

Alleen al het feit dat je dit moet zeggen, is op zichzelf al bijna discriminerend. Als ieder mens geliefd en geborgen is bij God, mag zijn wie hij is en ertoe doet in dit leven, dan is daarmee iedereen geaccepteerd, inclusief jijzelf.

Geborgenheid

Los van je theologische visie op homoseksualiteit of de mens, elke school heeft de pedagogische opdracht om geborgenheid te bieden aan élke leerling (en leraar). En dat kan er soms op neer komen dat je opkomt voor degene die terzijde wordt geschoven. Dat is niet alleen een vraag voor reformatorische scholen maar ook voor andere groepen in de samenleving. Denk alleen maar aan de voetbalkantine en het stadion.

Leerlingen met afwijkend gedrag, met andere kleding, een aparte leefwijze of een opvallende haardracht, die daarmee afwijken van het gedrag van de grootste gemene deler in een groep, hebben leraren en een school nodig die er geen misverstand over laten bestaan dat elk mens telt!

Ook reformatorische christenen tellen mee en kunnen niet zomaar weggepest worden uit onze samenleving

Dat laatste geldt dan ook voor reformatorische christenen die op sommige punten een afwijkende levensstijl, dan wel opvatting hebben: ook zij tellen mee en kunnen niet zomaar weggepest worden uit onze samenleving. Empathisch luisteren en open met elkaar in gesprek gaan om te achterhalen welke overtuiging en worsteling aan standpunten ten grondslag liggen, zijn dan voorwaarde. Ik zeg dat ook tegen mezelf, want ik deel hun standpunt over homoseksualiteit zeker niet.

Trouw willen zijn aan de wijze waarop Gods Woord tot je komt in gezin, kerk en school, en daarnaast geborgenheid willen bieden aan bijvoorbeeld een homoseksuele zoon, dochter, broer of zus in datzelfde gezin: ga er als refo maar aan staan.

Een beetje geborgenheid in de samenleving kan dan helpen om je kwetsbare dilemma te delen: én in elk mens een schepsel van God te zien én niet haar of zijn seksuele geaardheid te veroordelen en deze jongere daarmee als mens af te wijzen. Want dat laatste is afschuwelijk.

 

Dick den Bakker is onderwijsadviseur 

Eind november verschijnt een door Dick den Bakker samengestelde essaybundel over Geborgenheid. Daarin komt het thema homoseksualiteit ook aan de orde. 

'De liberale democratie is bezig zijn eigen graf te graven'

De vrijheid van godsdienst staat onder druk omdat het begrip 'democratie' is veranderd, zegt Hans-Martien ten Napel.



Deel dit artikel