Het gemis van fysiek contact is groot

Verpleeghuizen en woonzorgcentra zijn dicht voor bezoekers, vanwege de coronacrisis. Een hard gelag voor familieleden, die op allerlei manieren proberen toch contact met hun naasten te onderhouden.

Wouter Hoving
Afbeelding bij 'Het gemis van fysiek contact is groot'
Sita Drolinga praat vanaf de straat met haar man Pieter. Foto: Jacob van Essen

Videobellen, door een raam heen praten of e-mailen: op allerlei manieren proberen naasten contact te leggen met familieleden in woonzorgcentra en verpleeghuizen. Maar het gemis van fysiek contact is ontzettend groot.

Tiny Zijlstra (61) uit Drogeham werd gistermorgen tot haar grote verrassing door haar vader Jan de Vries (88) gebeld vanuit woonzorgcentrum Haersmahiem in Buitenpost. Het bleek een verrassing van de verpleegsters, die met hun eigen telefoon naar Zijlstra beeldbelden. ,,Hij had zoiets nog nooit gezien. Maar ook ik had dit nog niet eerder gedaan.”

,,Sjocht heit my wol (ziet papa mij wel), vroeg ik, waarop hij met zijn oor naar de telefoon ging en zei: ‘Wat seist?’ (wat zeg je?) Práchtig, hij snapte er niks van! Maar hij vond het mooi om me weer te zien”, vertelt Zijlstra.

Hij had zoiets nog nooit gezien. En ook ik had dit nog niet eerder gedaan. Maar hij vond het mooi om me weer te zien

Ze doet altijd de was en boodschappen voor haar vader. Verpleegster Melissa van der Wal stond ernaast: ,,We stonden met tranen in de ogen te luisteren.”

Tweemaal per week gaat Zijlstra naar haar vader. Maar deze zondag ging het niet zo goed. ,,Hij mist mij, hij kan nu zijn verhaal niet kwijt.”

Zijlstra hoopt dat hij begrijpt waarom ze elkaar niet kunnen zien. ,,Ik merk dat hij achteruitgaat. Als er wat met hem gebeurt en ik ben er niet bij, doet dat wel heel erg zeer. Maar als ik dan zo nu en dan even kan Face-timen, dan heb ik daar vrede mee.”

Hij mist mij, hij kan nu zijn verhaal niet kwijt. Ik merk dat hij achteruitgaat. Als er wat met hem gebeurt en ik ben er niet bij, doet dat wel heel erg zeer
Jan de Vries belt zijn dochter Tiny. Foto: Melissa van der Wal

‘Je mist lichamelijk contact’

Het zijn niet alleen maar ouderen die fysiek contact moeten missen, weet Theo Wijbenga (47) uit Burgum. Ook hij kan zijn vrouw Jolanda (44) niet bezoeken. Ze zit in een instelling in Oosterwolde wegens psychische klachten. ,,Eerst zat ze in Bosch en Duin, vlakbij Zeist, dus toen ze in januari naar Oosterwolde kwam, vond ik dat heel fijn. Lekker dichtbij.”

Nu ziet Wijbenga zijn vrouw opnieuw alleen via een schermpje. Verdrietig, want Jolanda’s dagbesteding is weggevallen en nu kan ze ook geen bezoek meer van haar man krijgen. ,,We bellen dagelijks, ik mis haar enorm. Soms wil ik haar gewoon even zien.”

Eerst zat ze in Bosch en Duin, vlakbij Zeist, dus toen ze in januari naar Oosterwolde kwam, vond ik dat heel fijn. Lekker dichtbij

Samen heeft het echtpaar het niet over het virus. ,,Ik wil haar niet bezorgd maken. Maar het houdt haar wel bezig. Dan vraagt ze: ‘hoelang duurt dit nog?’ En: ‘bestel je je eten wel via internet?’”

Zo’n videogesprek vindt hij niet ideaal. ,,Je mist het lichamelijk contact. Het strelen en omarmen van je vrouw. Dat hebben we ook gewoon allebei nodig, juist in deze tijd. Mocht het nog erger worden, zoals in Brabant, dan wil je elkaar toch even in je armen sluiten.”

Ik heb ook wel eens angst, want ik zit nu alleen met de kinderen. Wat als ik uitval door ziekte?

Aan de keukentafel combineert Wijbenga intussen zijn werk als salesmanager Friesch Dagblad met de zorg voor vier kinderen. ,,Je krijgt veel brieven van school, waar je op moet reageren. Ik heb ook wel eens wat angst, want ik zit nu alleen met de kinderen. Wat als ik uitval door ziekte? Soms komen er vrienden en vriendinnen langs van de kinderen: dan pas ik extra op.”


Theo Wijbenga videobelt elke dag met zijn vrouw Jolanda. Foto: Marcel van Kammen

Hondje Bobbie ging mee

Annette Overwijk (56) uit De Wilp kan haar vader in het Bertilla-verpleeghuis in Drachten niet meer bezoeken en stuurt hem e-mails. Zelf is ze mondhygiënist en zit ze daarom thuis, ,,want je kunt geen anderhalve meter vanaf iemands mond werken”.

Haar vader (82) is sinds zijn herseninfarct, twee jaar gelden, opgenomen. Contact met hem is lastig, want hij is doof, heeft afasie en begrijpt niet meer alles. Bezoekers communiceerden bij bezoek met hem via schriftjes. Nu sturen ze e-mails naar de zorgafdeling, die deze voor hem printen. ,,Dan vertellen we over de kinderen, hoe het met ons gaat en dat wij veel van hem houden. De laatste keer met een plaatje van bloemen. Dat hij zich niet zo alleen voelt.”

Een gesprek zat er al een tijdje niet meer in, maar nu worden de knuffels ook node gemist. ,,Hij verwachtte ons op bepaalde momenten.”

Dan vertellen we over de kinderen, hoe het met ons gaat en dat wij veel van hem houden. De laatste keer met een plaatje van bloemen. Dat hij zich niet zo alleen voelt

Ook nam Overwijk dan Bobbie mee, de hond van haar vader waar ze sinds twee jaar voor zorgt. ,,Daar reageerde hij altijd heel positief op.” ,,Ik weet niet echt hoe het nu met hem gaat. Ik hoop maar dat hij er nu goed doorheen komt.”


Annette Overwijk mailt meerdere keren per week met haar vader. Foto: Jilmer Postma

Vanaf de straat

Sita Drolinga (74) uit Leeuwarden komt zelf liever niet meer buiten. Haar dochter doet de boodschappen. Straks gaat ze toch even naar de brievenbus, dat moet nog net kunnen.

Voor hem is er helemaal niks aan daar: ze eten ook niet meer samen. Ik heb er slapeloze nachten van. Maar het kan niet anders

En er is nóg een goede reden om naar buiten te gaan: om met haar man Pieter (76) bij te praten. Hij bij het raam, zij vanaf de straat. Pieter is met Parkinson opgenomen in het Erasmus-verpleeghuis in Leeuwarden. Skypen en WhatsAppbellen lukt met hem niet goed, want ,,dat vliegt er bij hem steeds uit. En er kan niemand naar binnen, dus ik kan hem niet een nieuwe tablet brengen.”

Voor Sita is de opname van haar man heel verdrietig, het gemis van fysiek contact komt daar nog bij. ,,Voor hem is er helemaal niks aan daar: ze eten ook niet meer samen. Ik heb er slapeloze nachten van. Maar het kan niet anders, ik moet me erbij neerleggen.”


Deel dit artikel