Column

  • 2 maanden geleden
  • column
  • Christoph van den Belt
Christoph van den Belt

Christenen stemmen niet alleen op christelijke partijen

Ooit was het ondenkbaar dat een christen op een niet-christelijke partij zou stemmen. Maar steeds meer christenen voelen zich prima op hun plek bij een aprtij zonder c erin.

Gisteravond organiseerde het Nederlands Dagblad (ND) een verkiezingsdebat. De lijsttrekkers van de christelijke partijen, Wopke Hoekstra, Gert-Jan Segers en Kees van der Staaij, kruisten de degens. In 1994 organiseerde het ND dit debat voor het eerst. Een leuke traditie, die echter aan verandering toe is.

Abraham Kuyper was de eerste die een groep christenen mobiliseerde in een politieke partij. In zijn tijd was ‘partij’ een scheldwoord. Het suggereerde dat het groepsbelang vóór het algemeen belang ging. Onlangs wees historicus Bart Wallet tijdens een interessant webinar op de erfenis van Kuypers succes: we denken nog altijd in termen van ‘confessionele’ en ‘seculiere’ partijen. Maar is de werkelijkheid niet veel genuanceerder?

Op het eerste oog lijkt de tweedeling gerechtvaardigd. Naar Kuypers voorbeeld was christelijke politiek lange tijd namelijk vooral een groepsgebeuren. Ga maar na: de gereformeerden verzamelden zich in de ARP, de hervormden in de CHU, de katholieken in de KVP, de refo’s in de SGP en de vrijgemaakten in het GPV. De partijen claimden te staan voor universele christelijke idealen. Maar in de praktijk mobiliseerden ze vooral de kerkelijke groepen die zulke idealen deelden.

Deze beeldbepalende trend werd doorbroken met de oprichting van het CDA in 1980. Deze partij bracht de KVP, de CHU en de ARP samen. Dit was geen fusie uit luxe. De drie partijen verloren gaandeweg terrein. De groepsgebonden christelijke politiek behoorde tot het verleden.

Het ND-verkiezingsdebat houdt Kuypers erfenis in stand. Het suggereert dat christenen kunnen kiezen uit drie smaken

Dat was niet verwonderlijk in een tijd waarin de maatschappelijke betekenis van de kerk afnam. Meer dan voorheen gingen gereformeerden, hervormden en katholieken zich als christenen identificeren. Kerkgrenzen werden gerelativeerd en met het CDA konden christenen politiek gezien een vuist blijven maken.

Het ND-verkiezingsdebat houdt Kuypers erfenis in stand. Het suggereert dat christenen kunnen kiezen uit drie smaken. Tegelijk zijn er echter volop christenen actief in de zogenaamd seculiere partijen. Neem Sigrid Kaag, de katholieke lijsttrekker van D66.

Onlangs zei ze in Trouw: ‘Mijn geloofswaarden zie ik meer terug bij D66 dan bij sommige christelijke partijen. Ik heb het dan over asielbeleid, de aanpak van kansenongelijkheid, van armoede, de klimaatcrisis. Ik heb geen c van een christelijke partij nodig om voor deze kernwaarden te staan.’

Haar woorden herinneren eraan dat de inhoud van christelijke politiek onderwerp is van debat - dat is altijd zo geweest en zal waarschijnlijk altijd zo blijven. Ze illustreren bovendien dat christenen niet veilig opgeborgen zijn in confessionele partijen.

ND-hoofdredacteur Sjirk Kuijper is zich daar overigens van bewust. Afgelopen zaterdag relativeerde hij de scheidslijn tussen christelijke en seculiere politiek. Hij dacht alvast vooruit: een volgend verkiezingsdebat ziet er waarschijnlijk anders uit. Een traditie floreert als je haar opnieuw durft uit te vinden. Het ND weet dat als geen ander.


Christoph van den Belt is docent Politieke Geschiedenis aan de Radboud Universiteit en promovendus aan de Vrije Universiteit