De kunst van Modderman raakt het hart

De zeven werken van barmhartigheid zijn al vaak uitgebeeld. Maar de manier waarop Egbert Modderman dat doet in de Martinikerk in Groningen is van een andere orde. De kunstenaar hanteert letterlijk en figuurlijk de menselijke maat en laat de toeschouwer meevoelen.

Liesbeth de Jong
Afbeelding bij 'De kunst van Modderman raakt het hart'
Het vierde schilderij heeft het werk 'de zieken verzorgen' als onderwerp. Foto Egbert Modderman

Onlangs werd het doek ‘Rusteloos’ van Egbert Modderman geselecteerd uit bijna tweeduizend (anonieme) inzendingen. Hij won er de BP Young Artist Award 2020 mee, de prestigieuze, internationale prijs voor portretkunst die jaarlijks wordt uitgereikt door de vermaarde National Portrait Gallery in Londen.

Zijn portret van een grijsaard is geïnspireerd door de oudtestamentische figuur van de priester Eli. Evengoed zou je er een dakloze in kunnen zien, waardoor het portret ook naar een schrijnend probleem uit onze samenleving lijkt te verwijzen.

Egbert Modderman (Heerenveen, 1989) schildert pas krap vijf jaar, maar er zijn voor zijn werk steeds genoeg belangstellenden te vinden, onder wie een ware mecenas en verzamelaar. Via hem is zijn werk nu ook in Amerika geïntroduceerd, waar het onder meer in het Museum of the Bible in Washington is tentoongesteld.

Last but not least werkt de kunstenaar gestadig aan een omvangrijk, meerjarig project voor de Martinikerk in Groningen. Acht monumentale schilderijen zullen daar uiteindelijk permanent in het interieur worden opgenomen.

Successtory

Moddermans carrière leest als een klassiek succesverhaal van iemand die dreigde op dood spoor te raken, maar de wind meekreeg toen hij zijn koers radicaal omgooide.

In zijn atelier, gevestigd in een historisch pand in de binnenstad van Groningen, praten we over hoe zijn wereld de laatste jaren drastisch is veranderd. Er wordt even niet gewerkt aan de reeks voor de Martinikerk, die ‘de zeven werken van barmhartigheid’ als thema heeft. Vorige maand is daarvan het vierde doek gereed gekomen en tijdens een vesperdienst gepresenteerd. Nu is een pauze nodig, voordat hij de inspiratie vindt om aan het volgende werk uit de serie te kunnen beginnen.

Op de ezel bij het raam staat een bijna voltooid ander schilderij, waarvoor het Bijbelverhaal van de verloren zoon de aanzet heeft gevormd. Een werk vol menselijke emotie en interactie, waarvan de impact door het fraaie spel van licht en donker extra tot de verbeelding spreekt.

Binnenhuisarchitect

Hoewel er binnen zijn familie geen voorbeelden zijn die tot het volgen van een dergelijk pad aanleiding geven, deed Modderman een opleiding aan de Groningse kunstacademie Minerva. Heel pragmatisch koos hij daar voor een studierichting die uitzicht op betaald werk biedt. Hij werd binnenhuisarchitect en vond daarin een baan.

Maar de praktijk viel hem zwaar tegen. Weg was opeens die inspirerende studietijd, waarin je je ontwikkelde en nieuwsgierig onbekende mogelijkheden uitprobeerde. Ondertussen groeide de twijfel over de zinvolheid van het werk dat ervoor in de plaats kwam.

Het beperkte wereldje benauwde hem zo dat hij niet anders kon denken dan: ‘Ik moet ontsnappen!’

“Leuk was het schetsen van een ontwerp, wat je het eerste half uur doet, maar de resterende honderd uur van het project ben je bezig met het uitwerken en met heel praktische details als ‘waar komen de greepjes van de kastjes’. Dat boeide me al snel niet meer. Plus dat na vijf of tien jaar dat ‘nieuwe’ concept van een winkel of kantoor weer achterhaald is”, vertelt hij.

Op den duur een eigen bedrijf beginnen zou wellicht nog wat keuzevrijheid kunnen betekenen, maar het beperkte wereldje benauwde hem zo dat hij niet anders kon denken dan: ‘ik moet ontsnappen!’.

Figuratieve beeldtaal

Omdat schilderkunst hem altijd al heeft geboeid, overwoog hij even galeriehouder te worden, maar uiteindelijk koos hij voor het kunstenaarschap zelf. Een keuze die met een flinke dosis lef, maar misschien wel vooral met inzet en werklust werd aangepakt.

Aangetrokken tot een figuratieve, realistische beeldtaal volgde hij lessen aan de Klassieke Academie voor beeldende kunst, een particuliere instelling voor kunstonderwijs in Groningen. De Klassieke Academie vulde de leemte die is ontstaan nadat Minerva in 1993 de klassieke leergang van schilderkunst afschafte. Die wordt nog steeds nergens in Nederland onderwezen.

Behoefte om nogmaals een volledige studie van vijf jaar te volgen, had Modderman echter niet en na een jaar vond hij het genoeg. “Er werd daar veel aandacht aan stillevens besteed, terwijl ik bijna zeker wist: ik wil mensen schilderen.”

Veel heeft hij gehad aan het volgen van een summerschool aan de kunstacademie van Florence, waar je overigens alleen wordt toegelaten na getoetst te zijn op talent en prestatie. Hij kreeg er een soort spoedcursus klassiek en traditioneel schilderen met veel praktische tips. Deze ‘snelkookpan’ hielp ongetwijfeld het vak in technisch opzicht onder de knie te krijgen, maar in het afgelopen jaar groeide het besef dat hij nu vooral moet ontdekken wat hij zelf wil.

Als ik een Bijbelverhaal schilder, wil ik alleen een mooi en universeel betekenisvol verhaal vol dramatiek en menselijke emoties laten zien

Hij is dicht bij zichzelf gebleven. Hij loopt warm voor de relatie tussen mensen en dat wil hij in zijn werk uitdrukken. Opgegroeid in een traditioneel christelijk milieu is hij zeer vertrouwd met de verhalen uit de Bijbel en die vormen tot nu toe zijn voornaamste inspiratiebron.

Van de zwaarte of van de dogmatische opvattingen van de generaties voor hem voelt hij zich bevrijd. Behoefte om via zijn werk te evangeliseren heeft hij bepaald niet. “Dat zou ook niet oprecht zijn. Geloven is voor mij persoonlijk heel belangrijk, maar mijn geloof beschouw ik als heel privé. Als ik een Bijbelverhaal schilder, wil ik alleen een mooi en universeel betekenisvol verhaal vol dramatiek en menselijke emoties laten zien.”

Martinus van Tours

Toen hij tegen gunstige condities de Martinikerk mocht huren voor een privéaangelegenheid en daarvoor iets terug wilde doen, schilderde hij een ‘portret’ van Martinus van Tours (316-397), naar wie de kerk is vernoemd.

Ingetogen maar indringend is Martinus’ daad van naastenliefde in beeld gebracht. De heroïek van het zwaard waarmee Martinus, hoog te paard gezeten, zijn mantel doorklieft, zoals de legende van Martinus volgens traditie al eeuwenlang is verbeeld, wordt hier bewust gemeden. Geen heilige, bovenmenselijk figuur, die je vereert en waar je tegenop kijkt en met wie je je daarom ook maar moeilijk kunt identificeren.

Alle concentratie ligt op het moment waarop hij door mededogen bewogen tot handelen overgaat. Martinus scheurt zijn mantel in tweeën om een deel rond de schouders van een bedelaar te kunnen leggen. Een diepmenselijk gebaar van barmhartigheid dat een appel doet op de toeschouwer en uitnodigt tot navolging, omdat het de eigen verantwoordelijkheid aanspreekt.

Kooromgang

Het schilderij heeft een prachtige plaats voorin de kerk gekregen, op een plek waar je een kaarsje kunt branden of gewoon even stil wordt voor een meditatief moment. Het Stichtingsbestuur van de Martinikerk - monument en onderkomen van een protestantse wijkgemeente - was er bijzonder blij mee en vroeg hem vervolgens voor de komende zomertentoonstelling, die jaarlijks in de kerk plaatsvindt.

Modderman pakte deze kans om zich te presenteren met beide handen aan en schilderde er in betrekkelijk korte tijd negen grote doeken voor. Allemaal scènes gebaseerd op Bijbelverhalen. ‘Schoonheid van religie’ heet de expositie.

De reacties van publiek en kerkgemeente waren buitengewoon positief. Bij het Stichtingsbestuur groeide het idee om de kooromgang, die als kaal en leeg wordt ervaren, van permanent aangebrachte, hedendaagse kunst te voorzien. Modderman kreeg daarvoor de opdracht. Voortvloeiend uit zijn portret van Martinus werd gekozen voor de werken van barmhartigheid omdat die zowel mensen die in de christelijke traditie staan aanspreken, als anderen.

Groot formaat

Inmiddels zijn vier van de zeven monumentale schilderijen voltooid. Vanwege het grote formaat van het werk doet een kapel van de kerk dienst als atelier.

Modderman heeft zich losgemaakt van de traditie waarin de werken van barmhartigheid in het verleden werden verbeeld. Bijbelverhalen vormen zijn inspiratiebron, zoals hier met de herbergzaamheid, waarop Maria wordt verbeeld. Foto Egbert Modderman


Modderman heeft zich losgemaakt van de traditie waarin de werken van barmhartigheid in het verleden werden verbeeld, waarbij soms episodes uit de mythologie of een heiligenleven een rol speelden, of de focus op een liefdadigheidsinstelling van weleer lag. Vernieuwend en authentiek brengt hij de opdrachten uit Jezus’ Bergrede in beeld. Bij hem vormen Bijbelverhalen de inspiratiebron. Hij wil dat gebruikers en bezoekers van de kerk zich kunnen herkennen in de kwetsbare, feilbare mensen uit de scènes.

Modderman wil dat gebruikers en bezoekers van de kerk zich kunnen herkennen in de kwetsbare, feilbare mensen uit de scènes

De kunstenaar hanteert letterlijk en figuurlijk de menselijke maat. Met opzet zijn de personages, waarvoor vrienden en kennissen model hebben gestaan, op levensgroot formaat geschilderd. Dat één van hen je direct aankijkt, zoals in elke scène het geval is, verhoogt de betrokkenheid van de beschouwer.

Emoties

Het zwaartepunt ligt bij gezichtsuitdrukking en gebaar, op emoties die universeel zijn en van alle tijden. Daarom zijn er zo goed als geen attributen te zien en wordt de achtergrond nauwelijks aangegeven. Er zijn slechts enkele hoofdkleuren en er wordt nadrukkelijk gebruik gemaakt van het contrast tussen licht en schaduw.

De kunst van het weglaten en suggereren in plaats van alles nauwkeurig in detail te willen uitwerken, zegt hij steeds beter te kunnen hanteren. Bewust wordt historisch verantwoorde kledij of juist een eigentijdse outfit gemeden. ‘Kleding’ bestaat uit draperieën en wordt daarmee min of meer tijdloos. Dat voorkomt dat een schilderij in de toekomst pijnlijk gedateerd gaat aandoen.

De kunstenaar maakt nadrukkelijk gebruik van het contrast tussen licht en schaduw. Foto Egbert Modderman


Opmerkelijk is het moment dat Modderman uit een Bijbelverhaal selecteert. Bij ‘de zieken verzorgen’ heeft hij gedacht aan het Bijbelverhaal van de verlamde die door Jezus genezen wordt, maar hij toont niet het wonder zelf. Hij houdt rekening met de protestantse schroom om Jezus te verbeelden en met wonderen zegt hij weinig te hebben.

Een eigen invalshoek kiezend besloot hij, anders dan de beeldtraditie van weleer, niet de succesvolle afloop maar juist de moeite, twijfel en het lijden dat eraan vooraf gaat te laten zien. Vier jongens die hun vriend door de stad dragen, waarbij in hun blik dat zware zit, maar ook iets van verwachting: ‘we proberen het toch, op hoop van zegen’.

Woord en Beeld

Het is gewaagd en ingrijpend om zo’n omvangrijke serie permanent in een kerkgebouw op te nemen. Vanaf de Reformatie is de Martinikerk een protestantse kerk met een daarbij horend sobere interieur. Het Woord was immers waar het om ging. Het beeld leidde af.

Maar tegenwoordig wordt ingezien hoe beeldende kunst het hart kan raken. Verrijkend en aansprekend is deze authentieke hedendaagse serie over naastenliefde, de essentie van het christelijk geloof. Het karakter van het gebouw als kerk wordt ermee benadrukt. Evenzeer beantwoordt het aan de behoefte aan geestelijke verdieping die ondanks de toenemende secularisatie van onze samenleving door velen wordt gevoeld.


Liesbeth de Jong is kunsthistorica

Deel dit artikel