Alleen in een kerk klinkt de Matthäus zoals het hoort

Als jongen luisterde Johannes Leertouwer onder de tafel naar zijn vader als die speelde op zijn altviool. Nu hij zestig is, voert hij al enkele jaren de Matthäus Passion uit op bijzondere wijze: met slechts tien zangers, zonder dirigent en altijd in een kerk. "Deze muziek is gemáákt voor de kerk."

Trudy Oldenhuis
Afbeelding bij 'Alleen in een kerk klinkt de Matthäus zoals het hoort'
Johannes Leertouwer: "De beleving van de ruimte hoort óók bij de Matthäus Passion. Foto: Ard Hunners

De allereerste keer dat Johannes Leertouwer als violist bij de Nederlandse Bachvereniging meewerkte aan een uitvoering van de Matthäus Passion in Naarden, dacht hij na afloop: dit nooit meer. Deze uitvoering van de Matthäus Passion, toch een van de beroemdste in Nederland, was in zijn ogen te veel verworden tot vooral een sociaal en cultureel evenement, zonder oog voor de boodschap die Bach met zijn muziek wilde overbrengen. "Bezoekers konden in de pauze zelfs een ‘biefstuk Golgotha’ bestellen. Ja, dat kon echt."

Hij hield die belofte aan zichzelf niet, geeft Leertouwer direct toe, want als violist bij de Nederlandse Bachvereniging zou hij nog wel een jaar of vijftien in Naarden terugkomen om de Matthäus Passion uit te voeren. "Ik heb geleerd om op een andere manier te kijken naar mijn verantwoordelijkheid als uitvoerend musicus en naar de verantwoordelijkheid van het publiek”, zegt hij daarover. "En het blijkt dus ook hoe weinig je je toekomst kunt voorspellen. Ik heb maar zeer beperkt zicht op waar de weg die ik ga heen leidt."

Bezoekers konden in de pauze zelfs een 'biefstuk Golgotha' bestellen. Ja, dat kon echt

Maar wel werd door deze ervaring bij Leertouwer zijn fascinatie verder aangewakkerd voor dit beroemde werk van Bach, de muzikale verbeelding van het leven en sterven van Jezus, muziek waarvan hij als jongen al onder de indruk was. Want hoe kan het dat een muziekstuk met zo’n indringende boodschap toch elk jaar zoveel publiek trekt? En moet dat publiek dan eigenlijk ook niet veel beter begrijpen waar de Matthäus Passion over gáát?

Johann Sebastian Bach

68 filmpjes

De behoefte om die diepere essentie van de muziek duidelijk te maken, leidde bij Leertouwer jaren later tot het opzetten van een bijzonder project: het uitleggen van de gehele Matthäus Passion in 68 korte filmpjes van elk tweeënhalve minuut. De inleidende film op het geheel duurt zo’n twintig minuten. Wie even zoekt op internet kan alle films van De Matthäus volgens Johannes zo vinden.

"Ik heb die films gemaakt vanuit de behoefte aan uitleg", zegt Leertouwer. "Waarover gaat deze muziek en wat is de diepere laag? Want ik ben ervan overtuigd dat als je dat beter weet, het ook de ervaring van het luisteren naar de Matthäus kan verdiepen."

Alle facetten van de Matthäus Passion komen in de 68 korte films aan de orde, theologische én muzikale. Welke middelen gebruikt Bach om zijn boodschap over te brengen en waarom? Hoe is dat te horen in de muziek? Zo nodig speelt Leertouwer een stukje voor op zijn viool, en er zijn vaak beelden te zien van de betreffende gedeeltes in een uitvoering van de Nieuwe Philharmonie Utrecht (NPU), het ensemble waarvan Leertouwer in 2009 mede-oprichter was.

Muziek die schuurt

Dat de Matthäus Passion ooit zo’n belangrijke rol in zijn leven zou spelen, had Leertouwer nooit verwacht. Hij werd geboren in Groningen in 1959 en luisterde als jongen "onder de tafel" naar zijn vader die speelde op zijn altviool. Zelf leerde hij viool spelen en na het afronden van het gymnasium in Groningen vertrok hij naar Amsterdam om daar aan het conservatorium viool te studeren. Nog steeds is hij als docent aan dit instituut verbonden.

Ik ben ervan overtuigd dat als je beter weet waar deze muziek over gaat en wat de diepere laag is, het ook de ervaring van het luisteren naar de Matthäus kan verdiepen

In Amsterdam speelde hij regelmatig mee in het Koninklijk Concertgebouworkest, in de tijd dat Nikolaus Harnoncourt optrad als gastdirigent. En van Harnoncourt – "een sensatie om mee te maken", zegt Leertouwer – kreeg hij ook een andere kijk op muziek.

"Muziek was bij Harnoncourt niet alleen een mooie ervaring, maar ook iets wat kon schuren, iets wat schrik aan kon jagen. Voor het publiek was dat soms een schok. Bij het Koninklijk Concertgebouworkest kwam toch een zekere elite van de samenleving. Die wisten dan soms niet wat ze hóórden."

Juist dat aspect, dat muziek er ook is om mensen aan het denken te zetten, zit heel sterk in de Matthäus Passion. "Bach probeert op allerlei manieren de impact van zijn boodschap zo duidelijk mogelijk over te brengen aan het publiek. Neem het begrip ‘schuld’. Ik vond dat heel lang een moeilijk begrip, maar het is in de Matthäus heel belangrijk. Schuld is hier echter veel meer dan alleen een eenduidig gevoel van schuld over bijvoorbeeld, zoals tegenwoordig populair is, het klimaat. De Matthäus doet een duidelijk beroep op de toehoorder om zijn eigen schuld onder ogen te zien. Schuld in de zin van tekortschieten tegenover andere mensen en tekortschieten tegenover God. En de boodschap is ook: je mag het altijd opnieuw proberen."

Deel van de originele partituur van de Matthäus Passion


Passiemuziek in de kerk

Mede vanwege die boodschap is de plek waar de Matthäus Passion wordt uitgevoerd van belang, vindt Leertouwer. Er is in zijn ogen maar één plek geschikt: de kerk. "Deze muziek is gemáákt voor de kerk."

Dat leerde Leertouwer ook van dirigent Gustav Leonhardt. Die voerde in de jaren negentig van de vorige eeuw met de Nederlandse Bachvereniging de Matthäus Passion uit, maar had daarbij bedongen dat hij alleen de uitvoeringen in een kerk voor zijn rekening zou nemen. Voor de uitvoeringen in concertzalen werd Leertouwer als dirigent gevraagd. "Ik was zeer vereerd, maar na afloop begreep ik ook waarom Leonhardt had gezegd: alleen in de kerk. Want de beleving van de ruimte hoort ook bij de Matthäus Passion."

Het past ook bij de opdracht die Bach had gekregen toen hij de Matthäus Passion componeerde, in 1727 in Leipzig. "Hij moest passiemuziek schrijven voor een kérkdienst. Er zat een preek tussen deel een en twee. En wat overigens ook mooi is: hij had de opdracht gekregen om geen operamuziek of stijlen uit de opera te gebruiken. Maar in zijn compositie gaat Bach vaak tot het randje, bijvoorbeeld in het recitatief Ach Golgatha of als het koor het ‘Sind Blitze, sind Donner in Wolken verschwunden’ zingt. Ik stel me dan voor hoe de kerkbestuurders met gefronste wenkbrauwen in de zaal zaten toen ze de Matthäus voor het eerst hoorden: kan dit nog wel?"

Andere uitvoering

Hóé die eerste uitvoeringen van de Matthäus in de achttiende eeuw precies klonken, is niet met zekerheid te zeggen, al zijn er bibliotheken over vol geschreven. Hoeveel koorleden Bach gebruikte en of er ook al vrouwen meezongen – al dan niet onzichtbaar voor het publiek – of dat de sopraanpartijen door jongensstemmen werden vertolkt: we weten het gewoon niet zeker.

Ik was vereerd, maar na afloop begreep ik ook waarom Leonhardt had gezegd: alleen in de kerk

Zelf voerde Leertouwer de Matthäus Passion zo’n dertig jaar lang uit met verschillende ensembles, onder meer de Nederlandse Bachvereniging en het Noord-Nederlands Orkest. Die uitvoeringen worden veelal gedaan met twee orkesten, twee grote – of tamelijk grote – koren, een kinderkoor en vier solisten, plus een evangelist en een Christus.

Maar in 2014 koos Leertouwer met zijn Nieuwe Philharmonie Utrecht voor een veel minimalistischer manier: een uitvoering zonder dirigent en met in totaal slechts tien zangers: acht zangers in de twee koren en nog twee zangers voor de rol van evangelist en die van Christus. Leertouwer speelt zelf eerste viool en leidt vanaf die positie het hele ensemble.

Bach moest passiemuziek schrijven voor een kérkdienst. Er zat een preek tussen deel een en twee. Hij had de opdracht gekregen om geen operamuziek of stijlen uit de opera te gebruiken. Maar in zijn compositie gaat Bach vaak tot het randje

Dat kan alleen goed gaan met professionele musici. "En dit zijn allemaal topmusici en topzangers", verklaart Leertouwer. "We doen dit een aantal jaren en het is mooi om te zien hoe we elk jaar verder gaan waar we vorig jaar gebleven waren."

Het resultaat van deze aanpak is een heel intieme uitvoering van Bachs meesterwerk, die in de pers veelal lovende recensies kreeg. ‘Leertouwers intimiteit raakt’, schreef de NRC bijvoorbeeld en Dagblad van het Noorden waardeerde de Matthäus-uitvoering van de NPU in 2018 als ‘cultureel hoogtepunt van het jaar in Groningen’ in de categorie klassieke muziek.

Korte lijnen

Voor zijn uitvoering ontwierp Leertouwer een geheel eigen opstelling van koor en orkest. Bij andere uitvoeringen staat het koor achteraan, eventueel op verhogingen. Voor het koor zit het orkest en daar weer voor komen de solisten als zij hun partij moeten zingen. Die opstelling mag dan voortkomen uit praktische overwegingen, er zit volgens Leertouwer ook een vorm van hiërarchie in. "Het gaat dan in de eerste plaats om het orkest en de dirigent, die dan met zijn rug naar het publiek staat. En het koor mag achteraan aanschuiven."

Zo niet bij de Nieuwe Philharmonie: daar staan alle zangers, ook die van het koor, voor het orkest en zingen zo het publiek direct toe. Doordat een aparte dirigent ook ontbreekt – vrij uniek in de muzikale wereld –, ontstaat een geheel nieuwe dynamiek. "Bij onze uitvoering telt elk individu. De lijn van de muziek naar het publiek is zo kort mogelijk. Normaal gaan er allemaal lijntjes van solisten naar dirigent en dan weer naar het orkest. Hier niet: er zit geen dirigent meer tussen, die vaak letterlijk tussen musici en publiek in staat. De musici communiceren met elkaar en met het publiek."

Johannes Leertouwer in actie als dirigent. Foto: Foppe Schut


Daar komt bij dat Bach voor elke aria een andere instrumentale bezetting heeft geschreven, benadrukt Leertouwer. ,,Bij elke aria zijn er dus verschillende musici op het podium in actie. De communicatielijnen tussen deze orkestleden en de solist zijn heel kort. Ze luisteren naar elkaar en vullen elkaar aan.”

Bij onze uitvoering telt elk individu. De lijn van de muziek naar het publiek is zo kort mogelijk. Er zit geen dirigent meer tussen, die vaak letterlijk tussen musici en publiek in staat

Deze manier van uitvoeren zorgt ervoor dat het verhaal van de Matthäus Passion op een heel indringende manier bij het publiek kan binnenkomen. "Het gaat heel direct, dat is echt een sensatie voor het publiek. En dat is precies de bedoeling van Bach", is Leertouwers overtuiging. "Bach wilde ook dat het publiek het verhaal niet alleen zou horen, maar ook zou meemaken."

Is dit dan de enig juiste manier om Bachs Matthäus Passion uit te voeren? Leertouwer wil het zelf niet beweren. "We weten gewoon niet hoe Bach het precies deed en we moeten ook niet de illusie hebben dat we de historische werkelijkheid precies nabootsen. Maar deze manier werkt in elk geval wel goed."

Amati

Een bijkomend voordeel van het zelf niet dirigeren is dat Leertouwer zijn eigen instrument kan blijven bespelen. "Gustav Leonhardt zei ooit tegen mij: ‘Dirigeren is mooi, maar het is eigenlijk niet meer dan betaalde gymnastiek.’ Met andere woorden: blijf vioolspelen."

Dat doet Leertouwer overigens op een heel bijzonder exemplaar: een viool uit 1619, gemaakt door de gebroeders Amati uit het Italiaanse Cremona, "het mekka van de vioolbouw in Italië". Hij verkreeg het instrument op bijzondere wijze: "Hij was van de vrouw van mijn leraar, Jeanne Vos-Lemkes. Zij had kort voor haar overlijden gedroomd dat ik deze viool moest bespelen. Het is dus ook een viool met een opdracht."

Gustav Leonhardt zei ooit tegen mij: 'Dirigeren is mooi, maar het is eigenlijk niet meer dan betaalde gymnastiek'

Vierhonderd jaar oud is het instrument inmiddels, en alleen al dat gegeven wekt ontzag. "Al honderden jaren heeft deze viool alles overleefd. Het is een heel licht instrument: als je hem op zou tillen, zou je ervan schrikken hoe weinig hij weegt. En hij is helemaal gebouwd op resonans. Als ik hem hier zou hebben en jij zou je hand erop leggen terwijl jij en ik aan het praten zijn, dan zou je hem voelen trillen. Het is een viool waar je met kracht níéts op bereikt. Je moet hem laten gaan, de ruimte geven, hem als het ware vriendelijk om medewerking vragen met je strijkstok. Dat werkt het beste in de mooie akoestiek van een kerk. Mijn viool is in een kerk net zo thuis als ik."


Johannes Leertouwer vertelt op twee bijeenkomsten in Groningen en in Leeuwarden over de achtergronden van de Matthäus Passion. Toegangskaarten tot een van deze bijeenkomsten kosten tien euro. Dit bedrag komt in mindering op een toegangskaart voor de uitvoering van de Matthäus Passion door de Nieuwe Philharmonie Utrecht op 4 april in Groningen en op 5 april in Leeuwarden


Deel dit artikel