Het zout der aarde

Bonaire groeit. De uitdaging is om dat duurzaam te doen.
Zoutwinning op Bonaire. Foto: ANP
Zoutwinning op Bonaire. Foto: ANP
In 1636 voerde de jonge Republiek der Nederlanden oorlog met Spanje - de zogeheten tachtigjarige oorlog. Tijdens die periode besloot de West-Indische Compagnie, in opdracht van de stad Amsterdam, om de eilanden Aruba, Curaçao  en Bonaire op de Spanjaarden te veroveren.
 
De Spanjaarden beschouwden deze drie eilanden als nutteloze eilanden. Er was geen goud of zilver te winnen. Zonder al te veel slag en stoot gaven zij de eilanden prijs. De West-Indische Compagnie was wel in de eilanden geïnteresseerd vanwege de mogelijkheid tot zoutwinning. Zout was hard nodig in Nederland om allerlei gerechten te kunnen bewaren.  Zeker vanwege de Spaanse blokkades van havens voor de Nederlanders werden alternatieven urgent. De haringen moesten immers worden gepekeld. Tot de afschaffing van de slavernij in 1863 moesten Afrikaanse slaven het zware werk van de zoutwinning op Bonaire voor hun rekening nemen.
 
Bonaire, Sint Eustatius en Saba behoren sinds 1 januari 2011 staatkundig tot Caribisch Nederland. Deze eilanden zijn zogenaamde openbare lichamen. Dat is een overheidslaag tussen een gemeente en provincie in. Aruba, Curaçao en Sint Maarten zijn sinds diezelfde datum landen binnen het Koninkrijk der Nederlanden. En wel in het Caribische deel. Deze landen hebben net als Europees Nederland een regering met een minister-president. 

Een oogje in het zeil houden

Overigens hebben de regeringen van de drie Caribische landen geen zelfstandige minister van buitenlandse zaken of defensie. Deze bevoegdheid komt aan Den Haag toe. Om geopolitieke redenen zijn de Verenigde Staten van Amerika daar content over. Zij hebben het liefst een paar trouwe bondgenoten, zoals het Verenigd Koninkrijk en Nederland op sommige Caribische eilanden. Die kunnen dan  een oogje in het zeil houden voor de kust van  Latijns-Amerika. Dat continent is politiek gezien altijd behoorlijk in beweging.
 
Zo is Venezuela, ondanks de geweldige ruwe oliereserves, een staat in politieke ontbinding. Vele miljoenen inwoners zijn naar buurlanden als Columbia en Ecuador gevlucht. Ook enkele tienduizenden naar Aruba, Curaçao en Bonaire. Recentelijk gist en rommelt het ook in andere Zuid-Amerikaanse landen, zoals Argentinië, Bolivia, Brazilië, Chili, Ecuador en Peru.

Recessie en politieke instabiliteit

Tien jaar na de wereldwijde financiële crisis, gevolgd door een diepe recessie in de VS, China en Europa, wordt Latijns-Amerika nu diep geraakt in z’n economische ontwikkeling. Dat levert veel politieke instabiliteit op. Latijns-Amerika is politiek en economisch gezien niet het belangrijkste continent. Het moet het vooral hebben van de handel in grondstoffen, zoals olie, goud, zilver, koper en ijzererts, maar ook landbouwproducten, zoals tarwe, maïs en sojabonen. De prijzen daarvan zijn over de periode vanaf 2008 niet zo zeer gestegen, maar gedaald of min of meer gelijk gebleven. Veel landen hebben niet geïnvesteerd in moderne technologie en diensten. Daar gaan de verschillende politieke regimes de prijs voor betalen, of ze nu van linkse of rechts signatuur zijn. 
 
Terug naar Bonaire. Daar zijn de vastgoedprijzen met ruim 21 procent in 2018 gestegen. De ene cementwagen na de andere rijdt het wegdek van Kralendijk aan gort. De bevolking is in tien jaar gestegen van 11.000 naar 20.000 en naar verwachting stijgt dat door naar minimaal 30.000. De lokale bevolking bestaat voor 40-45 procent uit Bonairianen. Daarnaast zijn er veel Latijns-Amerikanen: uit Columbia, Ecuador, Peru en Venezuela. Zij werken vaak in de bouw. De rest zijn Nederlanders en inwoners van de andere eilanden in het Caribisch gebied. Ieder jaar bezoeken ruim honderdduizend toeristen het eiland dat een favoriete bestemming voor duikers is. 

Duurzaam groeien

De grootste uitdaging is hoe economische groei gepaard kan gaan met duurzame ontwikkeling. Bonaire heeft nog steeds een prachtige natuur. Maar koraalriffen kunnen verdwijnen als de mens de verkeerde dingen doet. Aan de oostkant van het eiland spoelt heel veel plastic aan vanuit de Caribische Zee. Het Amerikaanse familiebedrijf Cargill dat soms zwaar wordt bekritiseerd om zijn milieubeleid bij bedrijfsactiviteiten elders op de wereld, is op Bonaire verantwoordelijk voor de zoutwinning. Hier werkt het bedrijf samen met de lokale overheid en natuurorganisaties. Dat leidt er onder meer toe dat de broedplaatsen voor flamingo’s en pelikanen beschermd zijn.
 
Cargill zegt zich aan het verdrag van Ramsar te houden, een internationaal verdrag voor het behoud van watergebieden. Vooralsnog lijkt dat goed te gaan, maar ook op de prachtige, ongerepte, strandjes aan de zuidkant van het eiland zijn het mensen die de bordjes negeren. Er worden honden uitgelaten, vuurtjes gestookt en er rijden de pick-up trucks de mangroves in. Niet alleen bedrijven moeten het goede voorbeeld geven en aanspreekbaar zijn op hun gedrag. Ook als individuele mensen zijn we geroepen het zout der aarde te zijn.
 
Marnix van Rij is oud-CDA-voorzitter. Hij was van 2015 tot 2019 Eerste Kamerlid.
 

Het Goede Leven Word abonnee van Het Goede Leven

  • Onbeperkt toegang
  • Gratis deelname 1 evenement
  • Wekelijkse nieuwsbrief