Kerst is een kans

Christien Crouwel: ,,Kerken hebben het verhaal van de hoop." Ook in tijden van religieus analfabetisme.
Christien Crouwel: ,,Als ik denk aan Kerst, dan kom ik ook uit bij de hoop." Foto: Martje van der Heijden
Christien Crouwel: ,,Als ik denk aan Kerst, dan kom ik ook uit bij de hoop." Foto: Martje van der Heijden
Met kerst vieren we de geboorte van Jezus - dat weten de meeste Nederlanders nog wel. Maar verder is de kennis over het bekendste christelijke feest beperkt. Toch zitten de kerken tijdens de kerstdagen voller dan op andere momenten. Wat trekt mensen op die dagen? En slagen de kerken er nog wel voldoende in mensen te bereiken met het evangelie? Christien Crouwel (54), sinds dit jaar algemeen secretaris van de Raad van Kerken in Nederland, reflecteert op deze vragen.

Christien Crouwel is bijna een jaar algemeen secretaris van de Raad van Kerken in Nederland, waarbij achttien kerkgenootschappen zijn aangesloten. Ze was eerder gemeentepredikant in de protestantse gemeentes te Boxmeer-Vierlingsbeek en Nuenen, enige jaren woonachtig in Braunschweig (Duitsland) en werkzaam als drugspastor op de Wallen in Amsterdam. 

Wie met haar in gesprek gaat treft een predikant die met de voeten ‘in de modder heeft gestaan’, maar ook graag het intellectuele gesprek wil aangaan. Bijvoorbeeld over welke koers kerken zouden kunnen varen in een tijd van religieuze ongeletterdheid. Vorig jaar meldde het CBS immers dat een meerderheid van de Nederlandse bevolking zich niet meer rekent tot een religieuze groepering.  Maar dat zijn slechts cijfers. Er is ook nog dat ándere verhaal, het verhaal van de hoop, en daarmee hebben de kerken heel wat te bieden, meent ze. 

Geloof, hoop en liefde

‘Hoop’ is een kernbegrip voor Crouwel - zeker in het leggen van verbindingen tussen christenen en niet-christenen. ,,De Franse dichter en schrijver Charles Péguy beschreef Hoop als het kleine meisje, dat tijdens een wandeling tussen de stevige dames Geloof en Liefde inloopt. Het lijkt alsof de twee dames Hoop meevoeren, maar het is andersom: Hoop leidt juist Geloof en Liefde. 

Als ik denk aan Kerst, dan kom ik ook uit bij de hoop. Kerst is het feest van het licht. Ik vind dat een sterk beeld: licht in de duisternis, dat betekent dat er hoop is. Dat gegeven kan verbindend werken met mensen die niet christelijk zijn. Iedereen hoopt wel op iets of koestert een verlangen.  En dan bedoel ik niet het verlangen naar een grotere auto, maar hoop voor de samenleving. 

Dat is een verhaal dat ik tegenwoordig wel mis in de maatschappij: in kranten bijvoorbeeld gaat het bijna nooit over hoop. En in de politiek al helemaal niet. Het neo-liberalisme is heel pragmatisch. Waar wordt nog verwezen naar een toekomstdoel? Waar wordt de hoop nog levend gehouden?”

Tekenen van hoop

Haar interesse voor de werking van hoop ontwikkelde ze tijdens haar opleiding theologie aan de Universiteit van Amsterdam. ,,Tijdens die studie heb ik me verdiept in Ernst Bloch, de neo-marxistische, atheïstische filosoof. Voor zijn boek Das Prinzip Hoffnung speurde hij de hele culturele en religieuze geschiedenis af op zoek naar sporen van hoop. Hij verzamelde voorbeelden uit sprookjes, volksverhalen en religieuze teksten in een bijna encyclopedisch boek. Door dat boek ben ik erg bepaald: Bloch was geen christelijk filosoof, maar er zijn wel verwantschappen. Christenen zijn ook steeds op zoek naar tekenen van hoop.” 

Maar kerken slagen er niet goed in die boodschap van hoop goed over het voetlicht te krijgen, merkt Crouwel. ,,Het is een begrip dat breed leeft. Bijna iedereen heeft kinderen of kleinkinderen, alleen al voor hen hopen mensen op een goede of betere toekomst. Maar de politiek heeft het er niet over. Ook niet nu we staan voor de grote uitdaging om te komen tot een andere inrichting van onze samenleving, in samenhang met de natuur. Ook het begrip ‘volgende generatie’ hoor ik te weinig. Wij als kerken hebben juist op dat gebied goede papieren.  Omdat we gewend zijn om te spreken over iets dat verder dan het eigen-ik gaat.”

Kerken zijn daarin echter ook weinig zichtbaar. ,,Het lukt ons maar slecht onszelf in beeld te brengen. We hebben een goed verhaal, maar we weten de mensen niet te bereiken. Wat dat betreft kunnen we veel leren van andere organisaties.” 

Het lukt de Nederlandse kerkleiders ook maar moeizaam een plek in het publieke debat te verwerven. Dat geldt ook voor haarzelf, hoewel ze al eens bij Rick Nieman aan tafel zat bij WNL op Zondag. ,,Dan ben je toch verbaasd hoeveel mensen daar naar kijken. Ik heb aan een kennis, die bij de televisie werkt weleens gevraagd hoe kerken aan tafel zouden kunnen komen bij een talkshow. Eigenlijk kan dat alleen als je een opvallend evenement organiseert. In de landen om ons heen is dat heel anders. In Engeland of Duitsland hebben de kerken een meer vanzelfsprekende plek in het publieke domein. Ik heb vijf jaar in Duitsland gewoond, omdat mijn partner Duits is. Daar is niet alleen de rol van kerkleiders anders, maar gaan mensen sowieso anders met religie om.”

Adventskalender

Dat merkt ze ook aan hoe de Adventstijd richting Kerst wordt beleefd bij de oosterburen. ,,Advent bijvoorbeeld wordt niet alleen in de kerk gevierd, maar is een periode die een plek heeft in het publieke domein. In onze wijk in Braunschweig kon bijvoorbeeld iedereen die dat wilde meedoen aan een soort levende adventskalender. De 24 buurtgenoten die meededen regelden bij toerbeurt aan het begin van de avond een verrassing in hun huis of tuin, bijvoorbeeld glühwein met braadworst - Duitsers zijn daar dol op - maar het kon ook zijn dat de gezinsleden een lied zongen of een gedicht voordroegen. En het waren niet alleen kerkelijke mensen die meededen. Integendeel! Zoiets werkt heel verbindend omdat je bij elkaar over de vloer komt. Zo leef je als buurt 24 dagen lang naar Kerst toe.” 

,,Sinds 2009 ben ik een van de gidsen van het Levend Kerstverhaal in Nuenen, in Brabant. Daarbij gaan we met bezoekers uit de wijde regio op de kinderboerderij op zoek naar het kind in de stal. Dat is een groot succes: er komen ieder jaar weer meer dan duizend mensen. Die staan soms wel twee uur in de rij, maar dat doen ze graag, want het hoort erbij. Allereerst moeten ze dan door de poort van Bethlehem, waar ze zich, net zoals Jozef en Maria, moeten inschrijven.”

Weinig Bijbelkennis

,,Als een van de gidsen leid ik ze in groepjes over het terrein van de kinderboerderij, langs verschillende staties waar onderdelen van het Kerstverhaal worden verteld. Daarbij valt me steeds weer op hoe weinig algemene Bijbelkennis mensen hebben. De eerste statie is altijd een profeet die ons onthaalt. Na zo’n statie moeten we soms even wachten voor we door kunnen naar de volgende statie, omdat er erg veel groepjes over het terrein lopen. Ik ga dan in gesprek met de mensen in mijn groepje, maar meestal komt daar maar weinig uit. 

Als ik vraag ‘of ze weten wat een profeet is’, dan zwijgen de meesten. Ik leg dan uit dat het mensen zijn die ons een hart onder de riem willen steken, of waarschuwen, of vermanen. Als ik vervolgens vraag of ze ook eigentijdse profeten kennen, blijft het vaak stil. Je moet het ze allemaal aanreiken. Ik leg dan bijvoorbeeld uit dat je Martin Luther King een profeet zou kunnen noemen met zijn ‘I have a dream’. En dit jaar geef ik misschien Greta Thunberg als voorbeeld, die ook waarschuwt en vermaant. ‘How dare you!’, riep ze tegen wereldleiders die de klimaatcrisis veronachtzamen.”

,,Later komen we tijdens onze tocht de Wijzen tegen. Na die ontmoeting vraag ik aan de mensen waar zij naar op zoek zijn. ‘Tja...’, zeggen ze dan. ‘Of bent u helemaal tevreden over het leven en over de wereld?’, probeer ik dan. ‘Mwoah’, hoor ik dan. Het kost hen blijkbaar moeite hierop te reflecteren. 

Kinderen zijn, merk ik, veel vrijmoediger. Zij krijgen van de Wijzen een goudklompje; een goudgeschilderd steentje. Daar mogen ze mee doen wat ze willen: zelf houden, aan iemand geven van wie ze houden of bij de kribbe leggen. Aan het einde van de avond liggen er dan talloze steentjes bij de kribbe, dat ontroert me. Want ze zijn allemaal erg gebrand op dat goudklompje, dat vinden ze prachtig. En toch leggen ze het bij de kribbe neer. Ik vind dat een hoopvol beeld.”


Schillen van een ui 

,,Ik vraag me wel af wat het is met die religieuze ongeletterdheid in Nederland. En waarom Kerstvieringen en initiatieven zoals het Levend Kerstverhaal zoveel mensen op de been brengen. En welke kansen liggen daar eigenlijk voor kerken? Als ik daarover nadenk, kom ik uit bij de schillen van een ui. De kerstboom is dan de buitenste schil, die staat symbool voor de warmte en de gezelligheid in donkere tijden. Daar voelt iedereen zich wel door aangesproken. 

Een laagje dieper gaat het om het bijzondere van het kerstverhaal; het verhaal van Jozef, Maria en het kind Jezus. Als we daarna een laagje dieper gaan, dan kijk ik hoe we in dat particuliere verhaal iets kunnen horen wat ook op onszelf betrekking heeft. Wat betekent dit verhaal? Ook vandaag de dag zijn er mensen op weg naar een onbekende toekomst, stromen van vluchtelingen. De vraag die daarbij past is hoe we het kwetsbare kunnen beschermen. Daarna komen we bij het midden van de ui. Maar dat is leeg... Daar is ruimte voor de vragen van ons eigen hart. Het kerstverhaal gaat ook om de vraag of God in ons geboren kan worden. Hebben we daar ruimte voor, of is de herberg van ons hart gesloten?”

,,Als we zo steeds dieper gaan, is het méér dan het verhaal van toen en ooit, meer ook dan het verhaal over kinderen in de knel, maar blijkt het verhaal ook over jouzelf te gaan. Dat je je realiseert: ook in mij zit iets van Herodes. Maar ik draag ook de hoop van Jozef en Maria in mij. En dat je tot het besef komt dat jouw eigen hart een woonplek moet worden voor God. Zo hoop ik steeds een beetje dieper te komen bij mensen."  

Het Goede Leven Word abonnee van Het Goede Leven

  • Onbeperkt toegang
  • Gratis deelname 1 evenement
  • Wekelijkse nieuwsbrief