Waarom de leugen zo funest is in de politiek

Brexit beheerst het nieuws. Wat er achter ligt helaas veel minder: de levensgevaarlijke leugens, manipulatie en valse beloftes.
De leus van Boris Johnson ‘to get Brexit done’ is in feite een misleiding van wat politiek is. Foto ANP
De leus van Boris Johnson ‘to get Brexit done’ is in feite een misleiding van wat politiek is. Foto ANP
Of de Brexit nu doorgaat of niet, de schade is geleden: Brexiteers die stemmen wonnen met leugens, manipulatie en onuitvoerbare beloftes hebben nu het hoogste ambt in handen’, schrijft Joris Luyendijk op 18 oktober in de NRC. Het probleem is niet de Brexit - de EU is geen gevangenis en wie eruit wil moet dat doen. Het probleem is een Brexit op basis van leugens, manipulatie en onuitvoerbare beloftes. 

Er is veel geschreven over de leugenachtige campagne waardoor de Britten de Brexit-soap zijn in gerommeld. Of over het onderscheid tussen de leugenaar en de bullshitter. Degene die bullshit verspreidt is naar het onderscheid van de Amerikaanse filosoof Harry G. Frankfurt in On Bullshit ‘niet eens geïnteresseerd in de waarheid maar alleen in de vraag of zijn of haar poging om de meningsvorming en houdingen van mensen te manipuleren succesvol is’. 

Schaamteloos

Degene die bullshit verspreidt is eigenlijk nog erger dan de leugenaar. Hij is - in tegenstelling tot de leugenaar - niet geïnteresseerd in de waarheid, hij is schaamteloos en kan daarom misschien zo makkelijk met leugens wegkomen. 

Ondertussen wordt de vraag waarom leugens zo funest zijn voor de politiek verbazingwekkend weinig gesteld. Misschien wel omdat volgens een al te cynische opvatting van de politiek alle politici leugenaars zijn en helemaal niet bezig met de publieke zaak maar met de eigen zaakjes. 

Of misschien wel vanwege het sluimerende besef dat niemand de waarheid in pacht heeft, en dat in de politiek totale openheid van zaken niet alleen onhaalbaar, maar ook onwenselijk is. Toch is hiermee de kous niet af. Want ook de politiek kan niet zonder de waarheid.

Common sense

Over waarheid heeft Frankfurt een minder bekend boekje geschreven: On truth. Onverschilligheid of de boodschap waar of onwaar is, is een slechte zaak. ‘Indifference to truth is a bad thing’ schrijft hij. Waarom? Frankfurt bepleit eerherstel voor de common sense knowledge, dat in het dagelijks leven waarheid (met een kleine w) er toe doet. Zelfs de geleerde filosoof die stelt dat er alleen interpretaties van de waarheid zijn, hecht toch waarde aan de waarheid van die stelling. 

Uiteraard is het belang van feitelijke accuraatheid van inschattingen en een zekere mate van inzicht in de coherentie der dingen in het dagelijks leven niet te onderschatten. Het is een waarheid als een koe dat voorwerpen naar beneden vallen en niet naar boven (en dat het fataal is om daar geen rekening mee te houden). Wanneer door een foute berekening een brug instort, zitten we toch echt met de gebakken peren. 

Ook de impact van de te verwachten economische schade van de Brexit op het leven van mensen is reëel, ondanks de leugenachtige en door Joris Luyendijk opgetekende voorspelling van politici in de leave-campagne dat van ‘de 350 miljoen euro die de Brexit zou gaan opleveren ‘er elke dag een nieuw ziekenhuis kan worden gebouwd.’ 

Een samenleving kan eenvoudigweg niet floreren zonder een grote hoeveelheid betrouwbare feitelijke informatie. Het is nodig om te kunnen overleven, maar ook om te kunnen bepalen hoe we goed kunnen leven. Ten tijde van nepnieuws en complottheorieën is de vraag van de Britse collega-filosoof Bernard Williams (1929-2003) des te meer relevant geworden: ‘Is de informatie nauwkeurig genoeg (accuracy) en de bron oprecht genoeg (sincerity)’.

Vermogen om te leren

Op persoonlijk vlak en in de wereld is het zonder betrouwbare informatie niet mogelijk om te groeien, te leren van fouten, en meer mens te kunnen worden, schrijft Frankfurt. Aanhakend bij een observatie van de Nederlandse filosoof Spinoza (1632-1677) constateert hij een toename aan ‘levenslust’ en ‘vreugde’ naar de mate waarin we een zekere grip ervaren op het leven dat we leiden in overeenstemming met onze aanleg. Zo kunnen we meer mens worden. 

‘Vrijheid’, zegt Spinoza, ‘is het vermogen om te leren de wereld lief te hebben zoals die is, het te bekijken als een geheel met eerbied en ontzag, bevrijd van zoveel mogelijk vooroordelen.’
Anders gezegd: we kunnen ons vrij voelen naarmate we onze plek in het geheel gevonden hebben. Een persoon die de waarheid veracht of er onverschillig over is, staat in wezen onverschillig, vijandig tegenover zijn eigen leven. Naar de mate waarin we een zeker grip ervaren op onze omgeving en onszelf, kunnen we ons thuisvoelen in een wereld, die ‘we niet zelf hebben gemaakt’. 

Ignorance and error leaves us in the dark’, schrijft hij. Maar dat is niet het hele verhaal. Werkelijkheidszin bestaat juist ook bij de gratie van het besef dat er zaken zijn die niet te manipuleren zijn, ‘beyond direct or immediate control’. 

Het is veelzeggend dat volgens de Amerikaans-Duitse filosofe Hannah Arendt de uitspraak ‘alles is mogelijk’ het programma van alle totalitaire systemen samenvat. Niets is zo gevaarlijk als de als paradijselijk voorgestelde waan dat we via uitgebreide manipulatie van natuur, mens en samenleving de hemel op aarde kunnen vestigen. Niets is zo deprimerend als de optimistische neiging te doen alsof er geen grenzen zijn en alsof alles mogelijk is. 

Gevaarlijke antipolitiek

Deze niet door werkelijkheidsbesef en waarheidsliefde getekende houding is dus ook desastreus voor het politieke domein, en leidt in de analyse van Arendt zelfs tot de vernietiging daarvan. De loop van de menselijke geschiedenis heeft niet het kenmerk van het lot waaraan niets meer te veranderen valt, maar de toekomst kan ook niet naar believen ‘uit het niets’ naar onze hand gezet worden of opnieuw worden opgebouwd.

Precies dat is wat de totalitaire leider ontkent. Hij claimt dat hij alles in zijn greep heeft omdat hij in zijn eigen almachtswaan gelooft. Bij hem is alles mogelijk, daarmee verhullend dat in feite niets meer mogelijk is tenzij het eigenhandig gestuurd en gecontroleerd wordt. Hij gaat het regelen. 

De totalitaire leider spreekt altijd de waarheid, niet omdat hij zijn uitspraken afstemt op de werkelijkheid, maar omgekeerd, omdat hij de werkelijkheid aan zijn uitspraken aanpast. Het totalitarisme meent zich deze leugens te kunnen veroorloven omdat het in zijn eigen almacht gelooft. 

Ondermijning van de gemeenschappelijke wereld

Daarom is liegen in de politiek funest, zegt Arendt. Systematisch liegen leidt uiteindelijk tot de ontkenning van het feit dat we in een wereld leven die we met elkaar delen, waarvoor we onherroepelijk een gezamenlijke verantwoordelijkheid dragen. 

Waar de leugen regeert, is in feite geen geloof meer in een gemeenschappelijke wereld. Dan heeft iedereen zijn eigen waarheid, leeft ieder voor zich in zijn eigen bubble en moeten we daar, conform het hedendaagse dogma van de identiteitspolitiek, nog alle begrip voor hebben ook. 

Dat betekent in feite het einde van de politiek die bestaat bij de gratie van zo’n gemeenschappelijke wereld. Een wereld die leeft van de nooit helemaal te realiseren belofte dat daarin goed te leven is omdat iedereen op een eigen unieke wijze tot zijn of haar recht kan komen. Arendt beschrijft dat gevaar in The promise of politics als ‘the modern growth of wordlessness, de withering away of everything between us.’ 

Door te liegen slaan mensen de gemeenschappelijke bodem weg waarop ze staan en die hen houvast geeft om samen een nieuwe toekomst op te kunnen bouwen. Er is geen gedeeld verleden meer en geen gezamenlijke toekomst, alleen tal van particuliere herinneringen en onverdraaglijk lichte meningen over hoe het verder moet.

Zoals Arendt terecht benadrukt staat niet individualiteit aan de basis van politiek handelen, en ook niet collectiviteit, maar gezamenlijkheid. Politiek is niet primair een maakbare zaak die autoritaire leiders naar hun eigen hand kunnen zetten, hoezeer politieke mannetjesputters dat ook zouden willen, maar een resultaat van gezamenlijke handelingen in de publieke ruimte, die in beginsel niet maakbaar zijn. 

Precies in dit fluïde en broze handelingskarakter van het politieke ligt zijn kwetsbaarheid. Een belangrijk kenmerk van handelen is dat de gevolgen ervan onbeheersbaar zijn en dat de mensen hierdoor onvermijdelijk schuld op zich laden. De kwetsbaarheid van het handelen hangt samen met het gegeven dat het onduidelijke gevolgen over zich afroept, die niet in de hand te houden zijn; het is onbeheersbaar, onomkeerbaar, onvoorspelbaar, en de resultaten ervan zijn altijd betwistbaar en onzeker. 

De almachtsfantasieën van ‘sterke’ leiders

De voortdurende Brexit-saga is ontstaan rond de mythe dat over de toekomst van een land kant en klare duidelijkheid en zekerheid te geven is. Neem alleen al de leus van Theresa May: ‘Brexit means Brexit’, Deze leus - die strikt genomen nietszeggend is - verhult vooral dat de betekenis van Brexit helemaal niet duidelijk is. Er zijn immers tal van verschillende handelingsmogelijkheden en afspraken denkbaar die van de Brexit (al dan niet) een feit maken. 

Ook de leus van Johnson ‘to get Brexit done’ is in feite een misleiding van wat politiek is. Politiek is geen maakbare kwestie, het sluitend regelen van zaken, maar zet juist een serie gevolgen in gang die we niet in de hand hebben. Zo bezien is ook de zeer effectieve pro-Brexit campagneleus ‘Take back control’ hoogst problematisch. 

Dat misleiding, leugens en onuitvoerbare beloftes het Brexit-debat tot nog toe bepalen, is misschien daarom wel zo kwalijk: het duidt op de opkomst van de almachtsfantasie die een einde maakt aan het idee dat we leven in een gemeenschappelijke wereld, die we niet zelf hebben gemaakt. Eens zal de realiteit ons hardhandig wijzen op de grenzen van dat geloof.

Ondertussen is de schade enorm. Door te doen alsof een hedendaagse complexe samenlevingen op basis van een door luchtkastelen gevoede simpele ja/nee campagne naar eigen hand te zetten zijn, is de gemeenschappelijke bodem onder de voeten van miljoenen mensen weggeslagen. Nog nooit stonden remainers en brexiteers scherper tegenover elkaar. 
En ook de moeizaam herstelde kloven tussen Engelsen, de Schotten en de Noord-Ieren staan weer op openbreken.

Jan Prij is filosoof, econoom, lekenpreker en publicist. Ook is hij redactiesecretaris van het politiek-wetenschappelijk kwartaalblad 'Christen Democratische Verkenningen'



Het Goede Leven Word abonnee van Het Goede Leven

  • Onbeperkt toegang
  • Gratis deelname 1 evenement
  • Wekelijkse nieuwsbrief