Van protestland naar polderland

Het belachelijk maken van andermans protest lijkt de nieuwe manier om niet naar elkaar te hoeven luisteren.
Het lijkt wel of Nederland de afgelopen maanden een protestland is geworden. Er zijn ook genoeg redenen om de straat op te gaan, te lage lonen in het onderwijs, te hoge werkdruk in de zorg, een falend leenstelsel, meer klimaatbeleid of minder stikstofregels. Van gele hesjes tot academici, iedereen vindt wel een reden om zich te willen uiten. 

Wanneer de ene groep op straat staat, hebben tegenpolen de wapens geslepen om het protest te bespotten. Staan jonge klimaatstakers na afloop bij de Burgerking nog even een maaltijd te scoren, of geeft een 16-jarige Zweedse een ietwat emotionele speech, dan worden ze bespot door oude zure mannen. Protesteren de meeste agrariërs vreedzaam, zijn er D66’ers die bewust de misstanden generaliseren. Rijden boze boeren een week later een deur kapot, dan willen groene partijen dáárover een spoeddebat, in plaats van over het haperende stikstofbeleid waarvoor de stad vol stond met trekkers.  

Een deur kapot rijden, mensen bedreigen, het is verachtelijk. Maar door structureel bij een protest in te zoomen op de misstanden van enkelen, doen we de gevoelens van onbehagen bij velen tekort. Het ridiculiseren van andermans protest lijkt de nieuwe manier om niet naar elkaar te hoeven luisteren. 

Polariseren en elkaar ridiculiseren heeft nog nooit een oplossing dichterbij gebracht. Ga zelf maar na. Polariseer je thuis, op werk of bij je vereniging? Wat thuis niet werkt, helpt ook niet in het maatschappelijk debat. Je zou het elkaar moeten gunnen om naar elkaar te willen luisteren. 

Ik heb mijn CDJA-leden gezien bij protesten die tegenstrijdig lijken. Je kon ze vinden bij de internationale klimaatstaking en bij het boerenprotest. Daar ben ik trots op. In een complexe wereld heeft het geen zin om fictieve tegenstellingen te creëren. Wie namelijk een duurzamere wereld wil, heeft jonge talentvolle boeren nodig die kunnen blijven innoveren in een nog schonere landbouwsector. 

We kunnen in Nederland beter doen waar we goed in zijn. Dat is polderen. We hebben in deze delta met elkaar de schaarse ruimte om te wonen, te werken, te reizen en van de natuur te genieten altijd eerlijk weten te verdelen. Dat komt door de kracht van ons poldermodel en het fundament onder onze democratie: rekening houden met elkaar. Tot nu toe zijn we er dan ook altijd uitgekomen. Door naar elkaar te luisteren en oog te hebben voor elkaars problemen en belangen. Op die manier maken we van dit protestland weer een keurig polderland.

Het Goede Leven Word abonnee van Het Goede Leven

  • Onbeperkt toegang
  • Gratis deelname 1 evenement
  • Wekelijkse nieuwsbrief