Niet alles kan – een waarheid als een koe

Een samenhangend ruimtelijk beleid blijkt meer dan ooit noodzakelijk. 
Het ruimtelijk beleid in Nederland is versnipperd. Tijd voor een nieuw ministerie van Ruimtelijke Ordening en Volkshuisvesting.

In de ‘ruimtelijke visie tot 2040’ stelt het kabinet:
Nederland concurrerend, bereikbaar, leefbaar en veilig. Daar streeft het Rijk naar met een krachtige aanpak die gaat voor een excellent internationaal vestigingsklimaat, ruimte geeft aan regionaal maatwerk, de gebruiker voorop zet, investeringen scherp prioriteert en ruimtelijke ontwikkelingen en infrastructuur met elkaar verbindt. […] Bij deze aanpak hanteert het Rijk een filosofie die uitgaat van vertrouwen, heldere verantwoordelijkheden, eenvoudige regels en een selectieve rijksbetrokkenheid voor keuzes van burgers en bedrijven.
Het stuk is een aaneenschakeling van fraaie algemeenheden en geeft geen duidelijkheid over wat moet en wat niet meer kan. 

Tot 2010 hadden wij een ministerie van Ruimtelijke Ordening en Volkshuisvesting. Nu bepaalt het ministerie van Landbouw waar ruimte is voor veeteelt, het ministerie van Verkeer en Waterstaat bepaalt waar wegen komen, Economische Zaken gaat over de gasboringen. Klimaat hoort overal thuis, dus wordt de facto nergens goed bewaakt en natuurbehoud is versnipperd over niet aaneengesloten Natura 2000-gebiedjes.  
De rechter oordeelde dit voorjaar dat het zo niet langer kan, waarop minister-president Rutte oud-minister Remkes opdroeg om met spoed een rapport over de klimaatproblematiek en de stikstofellende uit te brengen. De titel van Remkes’ rapport vertelt de boodschap: ‘Niet alles kan’.

Mensen zijn boos omdat ze niet weten waar zij aan toe zijn. Een gang naar de rechter helpt niet, omdat de bestuursrechter alleen de marginale bevoegdheid heeft om te bezien of diverse verordeningen op de juiste wijze worden nagekomen. 

Hoe maak je zichtbaar waarom niet alles kan in ons dierbare maar redelijk volle Nederland? Planologie, en ruimtelijke inrichting zijn een vakgebied. We moeten daarom opnieuw een ministerie krijgen voor Ruimtelijke Ordening en Volkshuisvesting, dat ook over milieuzaken gaat. Binnen dat ene ministerie kunnen de uiteenlopende belangen tegen elkaar worden afgewogen. Ruimtelijke ordening wordt zo niet langer een juridisch begrip dat uitmondt in een ‘visiestuk’ vol mooie woorden, maar een zaak van daadwerkelijke keuzes. Dat vraagt ook om Kamerleden die meedenken, die tekeningen kunnen lezen en die niet continu proberen elkaar vliegen af te vangen.

Op deze manier kunnen we voorkomen dat het Malieveld in Den Haag permanent volstaat met allerlei voertuigen, afkomstig van boze Nederlanders die niet weten waar, waarom en hoe er over hun toekomst en hun werk beslissingen worden genomen.

Hanneke Gelderblom-Lankhout was twaalf jaar gemeenteraadslid den Haag en dertien jaar lid van de Eerste Kamer, waarvan vijf jaar ook lid van de Raad van Europa.



Het Goede Leven Word abonnee van Het Goede Leven

  • Onbeperkt toegang
  • Gratis deelname 1 evenement
  • Wekelijkse nieuwsbrief