Een begrafenis en de niqaab

Hoe je begraven wordt, of je een boerka of een niqaab draagt, een wat pragmatischer kijk zou goed zijn voor ons allemaal.
In Nederland het afscheid, in Marokko begaven worden. Dat is geen gek idee. Islamitische begraafplaats in Marrakesh, Marokko. Foto: M.D. Boualam محمد بوعلام عصامي -
In Nederland het afscheid, in Marokko begaven worden. Dat is geen gek idee. Islamitische begraafplaats in Marrakesh, Marokko. Foto: M.D. Boualam محمد بوعلام عصامي -
Aanvankelijk wilde ik deze bijdrage geheel wijden aan reflectie op de dood, om precies te zijn, op wat een goede dood is. En ik bedoel niet zoiets als ‘voltooid leven’, maar gewoon over de manier van waardig afscheid nemen van de dode. Specifieker, hoe zou ik willen dat van mij afscheid wordt genomen als ik dood ben? 

Deze vraag hield me bezig, vooral nadat kort geleden een begrafenisondernemer mij vroeg of ik vanuit mijn islamitische achtergrond mijn licht wilde laten schijnen over dit onderwerp. Na een oriënterend gesprek hierover vloog ik met mijn kinderen naar Rabat, de hoofdstad van Marokko. Het was namelijk vakantietijd. 

Condoleren

De eerste twee dagen bivakkeerden we bij familie aldaar. Na het ontbijt kreeg ik een verzoek van mijn zwager. Een veertigjarig vrouwelijk familielid van hem had de nacht daarvoor een hartstilstand gehad. Hij vroeg of we samen in mijn huurauto naar die familie konden reizen om te condoleren en hen bij te staan bij de begrafenisceremonie, die was gepland rond het eerste middaggebed. 

Sectie had uitgewezen dat er geen luchtje zat aan het overlijden, dus vertrokken we. Een enorme menigte bestaande uit buren, naaste en verre familie (het bericht was op de WhatsApp-groep verspreid zodat de vele clanleden snel op de hoogte waren) had zich rond het huis verzameld. 

De mannen waren kalm en maakten soms grapjes, de vrouwen huilden alleen maar. Door de menigte waren de nabestaanden onbereikbaar geworden, we konden hen daarom niet troosten.

Van top tot teen

Rond twee uur ‘s middags werd het stoffelijke overschot naar de moskee gedragen voor het openbare dodengebed. Een halfuur later stonden we, uitsluitend mannen, met tientallen op de begraafplaats. Na een paar gebeden en pleidooien dat de vrouw genade mocht ontvangen in het hiernamaals, werd zij - van top tot teen gewikkeld in een strak wit gewaad - ter aarde besteld. 

Ik wilde nu ik toch daar stond, graag nog een blik werpen op de overledene, maar zij werd helemaal toegedekt in het graf gelegd. De vrouw diende naar verluid bedekt te worden, ook als gestorvene. Een man niet, voor zover ik heb meegemaakt. 

Afijn, die haast dus, dat hield me bezig. Waarom zo’n haast, vroeg ik me af. Zou zij dit zo hebben gewild? Zou ze niet nog een paar extra momenten met haar twee jonge kinderen en andere geliefden door willen brengen, al was zij overleden? 

Rustgevend

Deze gebeurtenis vergeleek ik met de uitvaart van Jan (niet zijn echte naam), een 75-jarige oud-collega en huisvriend. Hij overleed aan kanker. Pas een paar dagen na zijn dood kregen mijn vrouw en ik een overlijdensbericht via de post. Een paar dagen later waren wij bij het crematorium voor de uitvaartplechtigheid. 

Een deftige rustgevende zaal, een ordentelijke ontvangstruimte om (oude) bekenden en onbekenden op je gemak te spreken, vazen om de door nabestaanden gevraagde bloemen in te zetten, een collectebus om te doneren aan een door overledene gekozen goed doel. Er was zorgvuldig muziek gekozen uit de collectie van de overledene, er waren toespraken van familieleden, en ten slotte konden we de dode de laatste eer bewijzen. 

Zo nu en dan werd dit alles onderbroken door een diavoorstelling over de levensloop van Jan. En hij liet een videoboodschap achter voor de aanwezigen. 

Gecombineerd

,,Zo zou ik het ook graag willen”, fluisterde ik mijn vrouw in het oor terwijl zij en vele anderen tranen wegveegden. ,,Ik bedoel, kijk wat een rust! Wat een onthaasting! Zo zou ik herdacht willen worden. Zou dat echt niet gecombineerd kunnen worden met een islamitische uitvaart?” 

Beide gebeurtenissen wilde ik overdenken. Dat wil zeggen de voor- en nadelen van beide varianten naast elkaar zetten. Want voordelen of een bepaalde logica, zie ik wel in het geval van de overleden vrouw. 

Je bent overleden, je hebt jouw deel van aandacht in dit leven al gehad, dus zand er over. Laat de nabestaanden direct de pijn van het afscheid ervaren en verder rouwen. 

Misschien heeft de profeet Mohammed hierom zijn voor dodenrituelen richtinggevende uitspraak gedaan: ‘Een waardiger gebaar aan de overledene dan hem of haar te begraven, is er niet’. Al begrijp ik niet zo goed waarom dat laatste wordt verstaan als ‘onmiddellijk begraven’. 

Boerkaverbod

Inmiddels trekt ook een ander thema mijn aandacht, waarbij ik moest denken aan de geheel bedekte overleden vrouw bij de begrafenis die ik in Marokko bijwoonde. Dat is de commotie die ontstond over het verbod op gezichtsbedekkende kleding, in de volksmond gereduceerd tot ‘boerkaverbod’. 

Een paar dagen later, op 1 augustus zou die wet ingaan. Dat is precies dertien jaar nadat daartoe concrete voorstellen zijn gedaan bij het toenmalige ministerie voor Vreemdelingenzaken en Integratie. Ik was er toen net benoemd als beleidsadviseur en dit was het eerste dossier dat op mijn bureau lag. 

Marokko heeft er een dag over gedaan om specifiek het dragen van een boerka (eigenlijk is het niqaab, bij een boerka zijn ook de ogen niet zichtbaar) beperkingen op te leggen. In januari 2017 is daar een wet uitgevaardigd die de productie en verhandelen van dit gewaad verbiedt. Er is geen direct verbod op het dragen daarvan, maar het signaal van afkeuring door productie en dus ook import en verkoop te verbieden, moest duidelijk zijn. 

Identificatie

Er is inmiddels veel geschreven over dit verbod door voorstanders en tegenstanders. Zelf vroeg ik me af of deze wet het leven van de boerka dan wel de niqaab-draagsters en potentiële draagsters (die potentie moet niet onderschat worden), echt zuur zou maken. 

Ik denk dat het meevalt. Het verbod geldt alleen daar waar identificatie logisch is in de zin van de wet of de moraal. Acceptatie van de democratisch tot stand gekomen (niet onbelangrijk!) wet vermindert niet het maatschappelijke draagvlak van het gewaad zoals men beweert, integendeel. Verzet tegen de wet geeft dat effect. 

Een pragmatischer kijk op het dragen van dit gewaad zou wellicht voor de betrokken vrouwen meer rust geven. Ik ken genoeg voorbeelden van moslimvrouwen die dat doen, ook in Nederland, en dat maakt hen echt niet minder vroom. 

Moeder

Tijdens mijn laatste vakantie viel mij bijvoorbeeld op hoe mijn eigen moeder hiermee omgaat. In haar jonge jaren mocht ze in de conservatieve omgeving waar ze woont nauwelijks het huis uit. Het huis was dus haar boerka. 

Na haar vijftigste werd ze wat zelfstandiger en assertiever, en accepteerde ze geen bewegingsbeperkingen meer. Ze regelt alle zaken zelf en doet zelf boodschappen, mijn vader werd lang geleden blind. 

Mij viel op dat zij niets voor haar gezicht draagt als ik haar in de auto ergens mee naar toe neem, of als we samen in een taxi of bus zitten. Zij begrijpt immers dat zij tijdens de rit de aandacht van politie en veiligheidsmensen kan trekken, die mogelijk om identificatie zullen vragen. 

Tijdens mijn vakantie in Marokko voel ik mij verplicht ook mantelzorger te zijn. Ik begeleid mijn moeder dan naar het ziekenhuis, gemeentehuis of politiebureau voor het vernieuwen van haar identiteitskaart. Dan laat ze, geheel uit zichzelf, haar gezicht onbedekt. 

Wanneer ze echter haar dagelijkse wandelingen maakt, wenst ze anoniem op straat te lopen en draagt ze wel een niqaab. En om minder op te vallen vanwege de niqaab draagt zij kleurige kleren (dus niet geheel zwart). 

In het stadspark dat toevallig naast de begraafplaats ligt en waar ze haar vriendinnen tegenkomt, doet ze de niqaab ook af. Ze beseft kennelijk dat dit een prettige communicatie met vriendinnen ten goede komt.

In Marokko!

Het ziet overigens ernaar uit dat ik op die begraafplaats begraven zal worden. In die streek ben ik opgegroeid en daar woonde ik tot aan het einde van mijn middelbare schooltijd. 

Mijn kinderen, de oudste is bijna twintig, zijn in Nederland geboren. Ik vroeg ze een keer waar ze zouden wensen dat ik begraven word. Mijn veronderstelling was dat ze mij zouden missen en dus volmondig ‘in Nederland’ zouden zeggen zodat ze mijn graf kunnen bezoeken.
 
Hun antwoord in koor was: ‘In Aruit in Marokko. Logisch toch! Je hebt daar de eerste stappen van je leven gezet’. Anders dan ik dacht hebben ze zo te zien geen probleem met los laten. Of ze zijn te rationeel opgevoed. 

Misschien zet ik in mijn laatste wil dat ik, wanneer ik dood ben, eerst in Nederland een ordentelijk afscheid wens te hebben zoals bij Jan gebeurde. In Marokko mag het er wel wat chaotischer aan toe gaan. Dit compromis zou een mooie afronding zijn van mijn leven. 

Dr. Mohamed Ajouaou is universitair hoofddocent Islamitische Theologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam en de Katholieke Universiteit Leuven                                                        

Het Goede Leven Word abonnee van Het Goede Leven

  • Onbeperkt toegang
  • Gratis deelname 1 evenement
  • Wekelijkse nieuwsbrief