Streven naar grootheid doodt gezonde concurrentie

Groot, groter, grootst. ‘Gigantisme’ lijkt de tegenwoordige economische wereld te domineren. De groten eten de kleintjes op en dat leidt tot grote problemen. Van werkloosheid tot obesitas.

Foto voor artikel 'Streven naar grootheid doodt gezonde concurrentie'
De wereld heeft maar weinig geleerd van de financiële crisis die in 2008 uitbrak. Nog steeds is het kapitalistische wereldsysteem gericht op groei. Nu is economische groei op zichzelf niet slecht. Er moet kapitaal worden gemaakt, al was het alleen maar om verduurzaming te kunnen financieren of klimaatdoelen te kunnen halen. Maar ‘gigantisme’, zoals de Vlaamse econoom en vermogensbeheerder Geert Noels de hedendaagse economische ontwikkeling in zijn jongste boek typeert leidt tot grote problemen.

En dan gaat het niet alleen over de financiële wereld waar gigantische bedrijven hun oude gewoonten hebben opgepakt en niets van hun fouten hebben geleerd en waar hebzucht de dienst blijft uitmaken. Het streven naar grootheid (in de zin van omvangrijkheid) zorgt ook voor maatschappelijke problemen. Een voorbeeld dat hij noemt: overal in de Verenigde Staten waar een vestiging van de enorme supermarktketen Walmart verschijnt neemt obesitas toe. Er is een statistische relatie, maar als zo vaak moet je met dit soort correlaties heel voorzichtig zijn bij het beantwoorden van de vraag wat nou oorzaak en gevolg is.

Een ander aspect is wel duidelijk. Vaak wordt in plaatsen in de VS de komst van de retailer begroet met het argument van nieuwe banen, maar voor het gemak wordt vergeten wat er gebeurt met de kleine winkeltjes en de uitzonderlijk lage lonen die aan het personeel worden betaald. De burgemeester van New York De Blasio heeft het allemaal laten uitzoeken.

Hij noemde Walmart ‘het Paard van Troje’. Volgens Noels hebben de Ikea’s en Declathons in Europa hetzelfde effect. Die extra banen zijn een mooi verhaal, maar het klopt niet. De ziekte van ‘gigantisme’ laat zich volgens Noels vergelijken met de voetbalmetafoor van de Champions League. Er zijn maar enkele grote clubs over die zoveel meer geld te besteden hebben dat ze altijd winnen en dat de competitie voorspelbaar wordt. Vooral als de grootste clubs de beste spelers opkopen om de concurrentie in de wielen te rijden.

Zo gaat ook met bedrijven als Google en Apple. Zodra nieuwe initiatieven in de digitale wereld enigszins succesvol worden, worden ze ingelijfd en onschadelijk gemaakt. En er is geen haan die er naar kraait, terwijl bijvoorbeeld de VS wel een traditie kennen om grote monopolisten te laten dwingen zich te splitsen als ze te machtig worden, bijvoorbeeld vroeger telefoonbedrijf Bell. Maar volgens Noels lukt dit in het huidige kapitalistische tijdsgewricht niet meer.

De analyse van de auteur is goed en hier en daar zeer verrassend. Maar de grote vraag is natuurlijk wat er moet gebeuren. Noels wijst resoluut socialistische alternatieven af en ook tegenover bijsturing van overheden staat hij kritisch. De auteur zoekt het meer in decentralisatie. Terug naar de menselijke maat. Drie woorden noemt hij: ‘kleiner’, minder gestuurd door experts en mathematische systemen; ‘trager’, want niet langer gestimuleerd door groeidoping en daardoor veroorzaakte schuldverslaving en ‘menselijker’, waardoor de economie dichter bij de mensen staat en welvaartsziekten effectief voorkomen kunnen worden ‘en niet langer bestreden moeten worden met bijvoorbeeld permanente dosissen chemie. Dit is geen utopie, maar een economie die rekening houdt met alle dimensies van de mens: de sociale, de ecologische en de economische dimensie’.

Gigantisme, Geert Noels. Lannoo/ Spectrum, 24,99 euro.

Het Goede Leven Word abonnee van Het Goede Leven

  • Onbeperkt toegang
  • Gratis deelname 1 evenement
  • Wekelijkse nieuwsbrief